Veroordeling voor man uit Steenwijk die overval en brandstichting verzon

Archieffoto: Marc Roerdink

Steenwijk – Een 40-jarige man uit Steenwijk die in 2018 zijn auto in brand stak en op die manier probeerde de verzekering op te lichten is door de rechtbank Overijssel veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden en een taakstraf van 240 uur. Ook moet de man hulp accepteren om zijn financiën op orde te krijgen.

Uitgebreid politieonderzoek en media-aandacht

De man verklaarde op 13 mei 2018 tegenover de politie dat hij het slachtoffer was geworden van diefstal met geweld en dat zijn auto in brand werd gestoken terwijl hij daar zelf nog in zat. De politie is op grond van deze aangifte een uitgebreid opsporingsonderzoek gestart. Diverse (landelijke) media hebben aandacht besteed aan de ‘overval’ en de ‘brandstichting’ en de feiten zorgden voor onrust in de maatschappij. De man heeft bij zijn verzekeraar een schadeclaim ingediend. In werkelijkheid stak hij zelf zijn auto op een afgelegen plek in brand. Hij hoopte met het geld dat de verzekeraar zou uitkeren zijn financiële problemen op te kunnen lossen.

Rad voor de ogen gedraaid

Bijna twee jaar lang hield de man zijn leugens vol. De rechtbank neemt het hem kwalijk dat door zijn handelen politiecapaciteit is ingezet die hard nodig is voor het oplossen van echte misdrijven. Door zich tegenover de politie, getuigen en anderen – waaronder zijn partner – voor te doen als slachtoffer heeft hij veel mensen een rad voor de ogen gedraaid. Pas aan het einde van de terechtzitting biechtte hij zijn leugens op.

Maximale taakstraf

Uit onderzoek naar de man komt het beeld naar voren van iemand die gebrekkige probleemoplossende vaardigheden heeft. Hij weigert volledig inzicht te geven in zijn financiële situatie en zijn schulden. De ernst en de impact van zijn handelen rechtvaardigt volgens de rechtbank een onvoorwaardelijke gevangenisstraf. Omdat de man uiteindelijk toch openheid van zaken heeft gegeven volgt de rechtbank het openbaar ministerie voor wat betreft de op te leggen gevangenisstraf. Deze is geheel voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar. Als voorwaarde moet de man hulp accepteren bij het op orde krijgen van zijn financiën en adviezen van de reclassering opvolgen. Om recht te doen aan de ernst van de feiten en de maatschappelijke onrust die hij heeft veroorzaakt legt de rechtbank hem wel een hogere taakstraf op dan de eis van de officier van justitie, namelijk de maximale taakstraf van 240 uur.